![]() |
|
|
13 november 2002 Onderstaande lezing hield ik op 11 november j.l. tijdens een avond gewijd aan 'Literatuur en nieuwe media' als onderdeel van de serie 'De Opmars van het Beeld', georganiseerd door de Stichting Literaire Activiteiten Amsterdam (SLAA) in De Balie. KORT EN KRACHTIG Verhandelingen over internet en literatuur gaan al snel louter over interactiviteit, over hyperlinks, over non-lineariteit, over publishing on demand, over verborgen rijkdommen en uitgestrekte gebieden. Dit wil niet zo'n verhandeling zijn . Dit betoog gaat over mijn poging om met internet als middel, als medium, een verhaal over te brengen. De helaas enigszins in de vergetelheid geraakte Amerikaanse schrijver Richard Brautigan heeft ooit een intrigerend verhaal geschreven dat handelt over het leven aan de Westkust waar de zucht naar relaxt leven en het koesteren van torenhoge ambities elkaar voortdurend in de wielen rijden. Tegelijkertijd is het een mooie schets van het onvermogen van man en vrouw om samen te leven in de kleine verblijfsruimtes die wij woningen noemen. Het stuk getiteld The Scarlatti Tilt is daarnaast ook nog eens een moorddadige thriller die handelt over respect voor de kunsten of gebrek daaraan, in het bijzonder de toonkunst. Om u precies te laten begrijpen waar ik het over heb, zal ik het verhaal nu integraal voordragen. "It's very hard to live in a studio apartment in San Jose with a man who's learning to play the violin." That's what she told the police when she handed them the empty revolver. Een compleet verhaal in 34 woorden. In de literatuur staat het verschijnsel bekend als vignet, korte paragrafen, beeldende scènes eigenlijk, die zelfstandig als verhaal kunnen bestaan. Hemingway was er een meester in. Het is de vorm die zich als geen ander leent voor internet, het medium waarvan gezegd wordt dat de concentratie van de lezer ophoudt bij driehonderd woorden. Pessimisten zullen constateren: dat is niks en kan nooit wat worden. Ik zeg: dat is gelijk aan bijna negen verhalen als The Scarlatti Tilt. Alleen, zoveel Scarlatti Tilts zijn er niet. En aangezien Richard Brautigan zich in 1984 op 49-jarige leeftijd door het hoofd schoot, hoeven we er van hem in ieder geval geen meer te verwachten. Ondanks de ideale vorm zijn vignetten niet bepaald een rage op internet. Misschien komt het omdat internet een medium is dat lijkt opgebouwd rond het eigen ego: 'dit ben ik en dit heb ik te vertellen', een soort geschreven telefoon. Het blijft dan al snel hangen in de anekdotiek van het dagboek. Een andere verklaring voor de bescheiden aanwezigheid van vignetten zou kunnen zijn dat het schrijven er van een hoge mate van zorgvuldigheid, van wikken en wegen, vereist zelfs al lijkt het resultaat in een opwelling neergeschreven. Internet daagt voornamelijk uit tot dat laatste, de geformuleerde opwelling. Het medium noodt tot impulsiviteit en zet aan tot een zekere urgentie. Het is de wereld van het 'nu' en het is dan ook niet vreemd dat de taal, dat instrument van bedachtzaamheid, online voornamelijk wordt gedemonteerd alvorens zich er mee uit te drukken, al is het alleen maar met het gretig gebruik van afkortingen. Met die verminking breng je de onrust waar het scherm toe uitnodigt - klik klik klik - kennelijk het beste over. Het waren deze bijzondere karakteristieken die ik in gedachten had toen ik in 2000 begon te experimenteren met persoonlijke verhalen, soms meer columns, op het web. Dat lukte wonderwel, althans naar mijn persoonlijke maatstaven. Alleen de urgentie, die wilde maar niet opdoemen. De verhalen verschenen maar waren zowel voor de schrijver als lezer omgeven met een voor het medium dodelijke vrijblijvendheid. Ze werden als de bookmarks die voortdurend worden toegevoegd maar nooit herbezocht, als het almaar groeiende stapeltje 'nog te lezen' artikelen op de hoek van het bureau. De oplossing voor dat probleem bleek te liggen in een oude literaire vorm die in het nu-tijdperk in onbruik is geraakt maar in de 19e eeuw een reguliere publicatievorm was: het feuilleton. Het web, dat zich nog niet heeft laten wurmen in de korsetten van markt en cultuur, lijkt zich perfect te lenen voor het feuilleton. Het web is immers intrinsiek onafgemaakt, onafgerond. Het smacht naar een vervolg, naar uitbreiding: Klik hier voor meer. Een feuilleton dus, geschreven in korte, krachtige, beeldende fragmenten. En om de zo noodzakelijke onrust te genereren nam ik afstand van de lineaire structuur van het verhaal. Het begon ergens en hield ergens op en tussendoor versprong het voortdurend in de tijd, als hyperlinks die je wegleiden bij de bron. Verrassend als je eigen geheugen en fantasie. Plots denk je aan een moment dat je kind was en even later zie je jezelf even onwillekeurig als je oud bent, soms in het beeld van een ander. Internet lijkt misschien meer op onze hersens dan we zouden wensen. Toch ontbraken er nog elementen. Zo dwingt internet een persoonlijke stijl af, of liever gezegd een zeker voyeurisme. Een mooie illustratie daarvan is de recente rel rond twee Utrechtse studentes en hun dagboek. In dit papieren geschrift beschreven zij in overigens tamelijk kuise en verhullende taal hun amoureuze belevenissen met een aantal jongens en koppelden daar een soort puntensysteem voor hun seksuele prestaties aan. Het dagboek werd gestolen, ingescand en op internet gezet waar het met rode oortjes gelezen en zelfs in luttele dagen wereldnieuws werd. Vreemder kan het eigenlijk niet. In een omgeving waar seksueel materiaal voorhanden is op een schaal die de mensheid nog niet eerder heeft beleefd, is een amper prikkelend relaas van twee jonge meisjes die tamelijk onschuldige seks beleven de grote sensatie. Alleen maar omdat het echt was. Of liever gezegd, omdat het leek alsof het echt was en het waarschijnlijk ook wel zo was maar je dat toch niet helemaal zeker wist. Dat spanningsveld geeft internet een extra dimensie, die twijfel over de geloofwaardigheid. Het is een soort permanente test van het eigen beoordelingsvermogen, een verslavend en voor de sociale overleving noodzakelijk spel dat bijvoorbeeld ook aan het succes van een tv-programma als Big Brother ten grondslag ligt: Kun je mensen goed inschatten? Dat fantasievolle verlangen naar voyeurisme, naar echtheid, tekent ook wel een beetje het gebied waarbinnen internet als cultuuruiting opereert, op de grens tussen fictie en werkelijkheid, tussen journalistiek en literatuur. Het is juist dat schemergebied waar een groot deel van hen die zich uitdrukken via het net, van Jogchem Niemandsverdriet met zijn nobodyhere.com tot Wim de Bie met Bieslog, zich op richt. De kunstenares Rosanne van Klaveren is nog zo'n voorbeeld. Ze onderneemt expedities naar verre oorden, neemt deel aan huiveringwekkende medische experimenten en heeft zichzelf zelfs 'vermist' doen zijn. Zonder dat voor de buitenstaander duidelijk wordt of het echt is of niet. Het is de mythe die schuil gaat achter de aan de filmindustrie ontleende aanduiding 'gebaseerd op een waar gebeurd verhaal'. Want pas als het gebodene een zekere mate van echtheid kent, tart het kennelijk op zijn hevigst de verbeelding. Dat gegeven leidde er toe dat ik een feuilleton schreef over de lotgevallen van een opkomend internetbedrijf en wel op zo'n manier dat het verhaal vrijwel parallel liep met mijn eigen ervaringen. Ik had immers tot een jaar of twee eerder deel uitgemaakt van zo'n jong veelbelovend internetbedrijfje en mijn onverwachte vertrek bleef tot op de dag van vandaag in mysteriën gehuld. Die aanpak wierp zijn vruchten af. Het feuilleton werd al snel enthousiast opgemerkt door de media en de mond-tot-mondreclame deed zijn werk. Verlekkerd door de sfeer van uitgesmeerde onthullingen vond iedere aflevering al snel zijn weg naar een publiek van ruim tweeduizend lezers. In een tijdsbestek van vierenhalve maand publiceerde ik dertig afleveringen. Daarmee hield het experiment echter niet op. Vanaf het begin was het de bedoeling om deze novelle ook als boek uit te geven, niet alleen omdat ik graag een boek wilde schrijven maar omdat ik wilde weten of de tekst de transformatie van beeldscherm naar papier zou doorstaan. Daarbij deed zich het probleem voor dat de hele tekst al op internet te lezen was geweest. Weliswaar doen er onder zogenaamde netizens enthousiaste theorieën de ronde dat kennismaking met het volledige werk via internet geen enkele economische schade oplevert - eerder juist het tegendeel - maar dat leek mij meer een wens dan een observatie. Dus voegde ik nog een aantal hoofdstukken aan de papieren versie toe die niet op het web verschenen, om de koop als het ware te rechtvaardigen. Een half jaar verscheen het boek onder de titel Blink, met dikke letters door de uitgever voorzien van de aanduiding 'roman' omdat het onderscheid tussen werkelijkheid en fictie op papier kennelijk minder vanzelfsprekend is dan op internet. Binnen een week volgde de eerste herdruk. Daar bleef het trouwens bij. In die zin was het experiment geslaagd. Voor zover ik kon nagaan was voor het eerst een feuilleton op internet verschenen en daarna ook daadwerkelijk als boek is gepubliceerd. Zelfs Stephen King was dat niet gelukt, om maar een voorbeeld te noemen. Overigens zonder dat iemand dat ooit opgemerkt heeft. Het bewijs leek geleverd, internet toonde zich een bruikbare omgeving om een verhaal te scheppen en de lezer daarin mee te slepen. Het was daarnaast ook een geschikte kraamkamer voor een boek. Toch blijft het wat mij betreft bij dit experiment. Daar zijn een altijd redenen voor. Zo kent de opzet die ik hierboven beschreef naar mijn zin teveel beperkingen en dan bedoel ik vooral het 'waar gebeurd' element en de korte aandachtsspanne. Dat wordt al snel een methode, een trucje, en daarna een keurslijf. Een ander bijkomend nadeel is dat het uiteindelijke boek in recensies wordt behandeld als een second reading. De grote spanning is er af, het plot bekend en ja, wat moet je er dan nog over zeggen? Blijft de voor uitgevers relevante vraag over of het economisch enig voordeel heeft gehad om zo te publiceren. Het kenmerkende voor internet is dat daar een amper een zinnig woord over te zeggen valt. Ik mag mezelf graag troosten met de gedachte dat het wel zo is. Of soms als ik neerslachtig een slok lauwe thee neem, mijmeren dat het anders een regelrechte bestseller geworden zou zijn. Het tekent de ambivalentie die internet altijd lijkt te omgeven, groots én plat, efficiënt én onrendabel, intiem én wereldwijd, persoonlijk én anoniem. Ik ben ervan overtuigd dat ergens in die ambivalentie van het net waarschijnlijk een grote literaire kracht schuilt. Die bestaat vast niet uit hyperlinks, non-lineariteit en publishing on demand. Maar ik weet ook dat ik die kracht niet meer zal ontsluiten. Francisco van Jole 12 november 2002 Richard Brautigan Jogchem Niemandsverdriet Bieslog Rosanne van Klaveren Erotische avonturen studentes op internet Eerder op 2525 5.0: Het PowerPoint denken Machine Oewattoe Schaken met de verbeelding De Nieuwe Economie De gadget-blues Presentatie Blink Wanneer ontroert het net? Opkomst (en ondergang) van de digitale beeldcultuur |
|
|
|
![]() In Valse Horizon onderzoekt Francisco van Jole aan de hand van intrigerende praktijkvoorbeelden de inlossing van de beloftes omtrent de razendsnelle opkomst van internet in de jaren negentig. Zo is er een digitale kathedraal die al na een paar jaar meer verval vertoont dan zijn eeuwenoude stenen evenbeeld. Of het voorbeeld van de vrouw die online op zoek ging naar haar moordenaar. Valse Horizon gaat in op vragen die door de veranderingen zelf worden opgeworpen. Is internet inderdaad het volgende massamedium na krant, radio en televisie? Waar leidt de ongebreidelde communicatiedrift onder individuen toe? Internet is volgens Van Jole veel meer een product van onze tijd dan een voorbode van de toekomst. Misschien wel meer dan enig ander medium toont het ons wie we nu eigenlijk zijn. Dirk van Weelden bespreekt in Vrij Nederland (19-1) Valse Horizon. Een fragment: "Het is nu een verademing om boeken te lezen als Valse Horizon, van Francisco van Jole. De toon is opgewekt cynisch, de aanpak is nuchter journalistiek en de teneur is van groot belang, namelijk dat het internet in al zijn wonderlijke eigenheid toch eerst en vooral bekeken moet worden als een onderdeel van de rest van de wereld. En beoordeeld moet worden aan de hand van criteria en normen die in de rest van de wereld gelden. Nog niet eens omdat dat principieel beter is, maar omdat je anders slecht begrijpt wat er op en met het internet gebeurt. Van Jole laat zien hoe beroemde wapenfeiten die op het internet plaatsvonden, verklaard en gerelativeerd kunnen worden door de fysieke achtergronden en de pendanten in oude media te bestuderen. Internet is een bedrieglijke omgeving die het zicht op de geschiedenis en de omringende maatschappij vertekent en zelfs beneemt. (...) Het internet verschijnt in zijn boek als een reusachtig spiegelpaleis, dat intens contact mogelijk maakt, maar ook zichzelf afsluit voor de rest van de wereld en draaikolken van eenzaamheid, dwaasheid en ruis oproept." Eindhovens Dagblad: "Interessante nieuwe inzichten" Gwrrf: "Een ijskoude bundel haarscherpe analyses over wat internet wél en (vooral) niet is. Modern bijbeltje voor digifielen en -beten." De Cursor: "De Internetmythes die zelfs na de dotcom-crisis onverwoestbaar lijken, haalt hij met rake voorbeelden onderuit." Rotterdams Dagblad: "Kritische geluiden uit een hoek waar die misschien het minst te verwachten viel." Nederlands Dagblad: "Van Jole boeit. Hij weet de onderwerpen op een heldere manier te rangschikken en geeft overzicht. Daarbij is hij kritisch." Planet Multimedia: "Het is een goed boek, simpelweg daar een van de beste Europese schrijvers over internet de tijd heeft genomen om zijn gedachten te ordenen en goed vorm te geven." Zone 5300: "Getoetst aan de werkelijkheid legt de ene na de andere internetmythe het af en 'Valse horizon' bevat enkele mooie voorbeelden van digitale broodjes-aap." Smallzine: "Mensen die vinden dat Van Jole altijd 'zo negatief' doet, kunnen het boek beter niet lezen." Alt0169: "Meer dan verplichte kost voor internerds en andere geinteresseerden." Uitgeverij Meulenhoff oktober 2001 Paperback, 160 pagina’s 31,95 / 14,50 ISBN 9029070145 Online te koop bij o.a. BOL - Proxis - Boeknet - Boekenmeer - AKO |
|
![]() We bevinden ons ten kantore van een jonge internetonderneming. Het meubilair is design, de personeelsleden ogen hip en de Leider hangt ontspannen onderuit in zijn stoel. Lijkt deze plek voor wie het wil gaan maken the hottest place to be, het walhalla van de onbegrensde mogelijkheden, wie zich binnen de muren begeeft treft iets anders aan. De hoofdpersoon van BLINK heeft een idee en wordt binnengehaald. Algauw merkt hij hoezeer tomeloze ambities en een schrijnend gebrek aan inzicht elkaar voortdurend voor de voeten lopen en wordt hij geconfronteerd met de mythomane Leider, die zijn personeel in een welhaast feodale greep houdt. BLINK geeft een ontluisterend inzicht in leven en denken op de golven van een hype. BLINK, dat eerder als feuilleton verscheen op 2525.com, is het prozadebuut van Francisco van Jole. Het programma Kunststof van de NPS op Radio 1 over onder meer Blink en werken bij internetbedrijven op het toppunt van de hype. Luister hier. Uitgeverij Meulenhoff december 2001 Paperback, 126 pagina’s 24,13 / 10,95 Online te koop bij o.a. Proxis - Boekenmeer - AKO |
|
|