Valle Gran Rey - Het verdwenen beeld.




26 januari 2003

ROERLOOS

Het bijna constante rumoer van de stad - optrekkende auto's, voorbijrazende brommers, kletsende mensen, ratelende voetgangerslichten - werd plots overstemd door een heftig geschreeuw. Halverwege de straat stonden naast een dubbelgeparkeerde vrachtwagen twee auto's dreigend met de neuzen naar elkaar, als in de impasse van een western duel. De zon werd op de ruiten als grote schijnwerpers fel weerkaatst.

Een jonge bestuurder die de vrachtwagen wilde passeren was uit zijn auto gestapt en schreeuwde onafgebroken dezelfde vragen, als was het een mantra: "Waarom moet ik achteruit? Waarom moet ik achteruit? Hoe moet ik er langs dan?" Zijn dreadlocks schudden hevig, zijn armen maakte onophoudelijk gebaren van ophef. Zijn blik was verontwaardigd alsof hij het grootste onrecht bevocht. Maar het opvallendst was de herhaling van beweging en kreten. Hij deed nog het meest denken aan een druk bewegende poppenkastpop die vergeefs tracht kinderen aan zijn kant te krijgen door steeds hetzelfde te roepen.

Zijn tegenligger was een kantoorman die zoveel mogelijk deed voorkomen alsof het hele tafereel hem niet deerde. Met de linkerhand als steun onder zijn kin bleef hij roerloos achter het stuur zitten. Starend in het niets. Wachtend tot het vanzelf voorbij zou gaan.

De rij auto's groeide snel. Er werd getoeterd. Bij een bestelauto verderop richtte een man in houthakkershemd zich half uit het portierraam. "He klootzak! Ga eens achteruit!"
Het had geen effect. De jonge bestuurder bleef maar springen en zijn onbeantwoordbare vragen maar schreeuwen. Hoe langer hij schreeuwde hoe meer de dreiging van gezichtsverlies. Achteruit rijden was allang geen optie meer.
"Sla dan! Sla dan man!" jutte een voorbijganger hem op.

Twee wat oudere politie-agenten kwamen op een drafje aanhollen.
"In de auto jij en achteruit," maande er een. De jonge bestuurder wilde protesteren maar kreeg de kans niet. De agent pakte hem bij zijn bovenarmen en duwde hem resoluut naar binnen. Vanachter de ruit staarde hij vol woede naar zijn tegenligger, alsof hij spinsde op een laatste offensief.

De kantoorman vertoonde ineens beweging. Hij haalde zijn hand onder zijn kin vandaan, boog zich over de passagiersstoel, deed razendsnel een greep in het dashboardkastje en stapte uit. Er klonk een knal, de ruit verpulverde, het hoofd met de dreadlocks hing opzij. Meteen werd het stil, doodstil.
De kantoorman liet het pistool vallen en stak zijn armen in de lucht. Hij keek naar de hemel alsof hij het hogere aanriep.
Alsof hem iets overkomen was.

Francisco van Jole


Eerder op 2525 5.0:
Zwijgen
Atomen
Koffie
Stoere Stumperds
Liefde
De scriptloze samenleving
Kort en krachtig
Het PowerPoint denken
Machine
Oewattoe
Schaken met de verbeelding
De Nieuwe Economie
De gadget-blues
Presentatie Blink
Wanneer ontroert het net?
Opkomst (en ondergang) van de digitale beeldcultuur



ABONNEREN




teksten & foto's © 1996-2003 Francisco van Jole

HOME 4.0 (1999-2001) - HOME 3.0 (1998) - HOME 2.0 (1997) - HOME 1.0 (1996)