Rotterdam - Hemel gedeeld door aarde




14 maart 2003

STOP

Stoplichten zijn de kapelletjes van deze tijd, bedacht Arjan terwijl hij staarde naar het grote rode licht dat voor hem boven de weg zweefde. De stoplichten eisen van iedereen tientallen seconden lang alle aandacht op zonder die te vullen. Ze dwingen je tot bezinning, tot korte, goddeloze, gebeden.
Arjan werd getroffen door zijn eigen gedachte. Het was een idee dat zichzelf bewees door het louter te denken.
Rechts gleed een auto zijn blikveld binnen en kwam tot stilstand voor de streep. Hij draaide reflexmatig zijn hoofd voor een vluchtige inspecterende blik. Achter het stuur van de helblauwe auto zat een blonde vrouw. Ze keek ook hem heel kort maar onderzoekend aan. Het kijken was eigenlijk niet meer dan een draai van haar ogen, zoals vrouwen in een fractie van een seconde naar de schoenen van een man kunnen kijken. In dezelfde beweging van haar hoofd wierp ze een routineblik in de zijspiegel.
Hij bleef kijken, iets wat hij buiten de auto, in een andere omgeving, nooit zou doen. Het idee alleen al bezorgde hem een rilling.
Vervolgens draaide haar blik weer naar de zijne. Dat had Arjan niet verwacht, nog nooit meegemaakt. Meestal was er niet meer dan de spanning dat de ander wist dat hij keek en dat zo nadrukkelijk mogelijk trachtte te negeren.
Ze bleef hem nu aankijken en werd steeds mooier. Om haar mond spande zich een glimlach.
Bijna raakte Arjan in paniek. Hij wilde wegkijken maar dat zou een nederlaag zijn. Hij moest iets doen. Voor hij het zelf wist had hij een kusgebaar gemaakt.

Het was warm, de zon scheen nog fel aan het einde van de middag en dat maakte het verkeer zowel loom als nerveus. Het geglim van de lak en ruiten op alle auto's was een onrustig makend lichtspektakel. Tegelijkertijd was de weg als een groot rijdend café-terras. De bestuurders hangend in hun stoelen, kijkend, glurend naar elkaar. Een soort ingeblikt verlangen dat ontsnapt is uit kantoren, vergaderkamers en andere isoleercellen.

Ze lachte haar witte tanden bloot. En retourneerde zijn kus.
Dit was onvoorstelbaar.
Hij zocht in zijn hoofd naar dichtsbijzijnde parkeerplaatsen, hotels. Hij zag beelden van hoe ze over het gras zouden rollen, tussen witte lakens. Dit was zoals het moest zijn. Snel, vluchtig. Drift, niets dan ongeremde drift.

Heel lang geleden, tijdens zijn diensttijd, had hij het wel eens meegemaakt. Terugkerend met een paar maten vanuit een legerbasis in Duitsland was een auto met een aantrekkelijke vrouw gepasseerd. Ze keek naar binnen en had vaart verminderd zodat ze naast hen bleef rijden.
Lachend naar de bestuurder maakte ze een onbekend gebaar.
"Die wil naar een parkeerplaats," had een van de maten gezegd.
"Ja, ze moet je hebben."
De bestuurder, het prototype van een knappe jongen, lachtte en haalde zijn schouders op.
Toen was ze doorgereden.
Arjan was het nooit vergeten. Een mengeling van verbazing en jaloezie overviel hem. Het kon dus. Tegelijkertijd realiseerde hij zich dat hem zoiets niet zou overkomen. Lust als een schitterende ster aan de hemel, even lokkend als onbereikbaar is. Het leven als een route vol bordjes met de tekst 'Stop. Niet voor jou.'
Maar nu dus.
Ze stond voorgesorteerd voor rechtsaf, hij voor rechtdoor. Hij zou haar kunnen volgen en dan de richting aangeven. Verderop was een pompstation. Of was dat te druk?
Ze draaide haar hoofd even naar voren, net toen het licht voor haar rijbaan op groen sprong. Haar auto kwam in beweging. Het licht op zijn baan bleef op rood. Nu moest hij haar volgen. Arjan keek in zijn spiegel.
Achter hem stond een politiewagen.

Francisco van Jole


Eerder op 2525 5.0:
Broers
Bonus
Roerloos
Zwijgen
Atomen
Koffie
Stoere Stumperds
Liefde
De scriptloze samenleving
Kort en krachtig
Het PowerPoint denken
Machine
Oewattoe
Schaken met de verbeelding
De Nieuwe Economie
De gadget-blues
Presentatie Blink
Wanneer ontroert het net?
Opkomst (en ondergang) van de digitale beeldcultuur



ABONNEREN




teksten & foto's © 1996-2003 Francisco van Jole

HOME 4.0 (1999-2001) - HOME 3.0 (1998) - HOME 2.0 (1997) - HOME 1.0 (1996)